Secure Sockets Layer (SSL) is een cryptografisch protocol dat oorspronkelijk werd ontwikkeld door Netscape in de jaren '90 om veilige communicatie over internet mogelijk te maken. Hoewel SSL technisch gezien is vervangen door het modernere Transport Layer Security (TLS) protocol, wordt de term 'SSL' nog steeds veel gebruikt om naar beide protocollen te verwijzen.
Het hoofddoel van SSL is het creëren van een versleutelde verbinding tussen een webserver en een webbrowser, waardoor gevoelige informatie zoals wachtwoorden, creditcardgegevens en persoonlijke gegevens veilig kunnen worden verzonden. Deze beveiliging is herkenbaar aan het hangslotje in de adresbalk van de browser en het 'https://' voorvoegsel in de URL.
Hoe werkt SSL?
SSL maakt gebruik van een combinatie van asymmetrische en symmetrische encryptie om een veilige verbinding tot stand te brengen:
- Handshake-proces: De client (browser) en server authenticeren elkaar en komen overeen welk encryptiealgoritme ze zullen gebruiken
- Certificaatverificatie: De server presenteert een SSL-certificaat dat is uitgegeven door een vertrouwde Certificate Authority (CA)
- Sleuteluitwisseling: Er wordt een gedeelde sessie-sleutel gegenereerd voor symmetrische encryptie
- Versleutelde communicatie: Alle data die tussen client en server wordt uitgewisseld, wordt versleuteld met de sessie-sleutel
Soorten SSL-certificaten
Er zijn verschillende types SSL-certificaten beschikbaar, afhankelijk van de validatieniveau en het aantal domeinen dat wordt beveiligd:
- Domain Validated (DV): Basis validatie die alleen controleert of de aanvrager het domein beheert
- Organization Validated (OV): Uitgebreidere validatie waarbij ook de organisatie wordt geverifieerd
- Extended Validation (EV): Het hoogste validatieniveau met grondige controle van de organisatie
- Wildcard certificaten: Beveiligen een domein en alle subdomeinen
- Multi-domain certificaten: Beveiligen meerdere verschillende domeinen met één certificaat
Het verschil tussen SSL en TLS
SSL werd ontwikkeld in versies 1.0, 2.0 en 3.0, maar bevatte beveiligingslekken. TLS werd geïntroduceerd als de opvolger van SSL 3.0 en is sindsdien doorontwikkeld tot TLS 1.3. Alle moderne browsers en servers gebruiken nu TLS, maar de term 'SSL' blijft populair in het dagelijks taalgebruik. Wanneer mensen het over 'SSL-certificaten' hebben, bedoelen ze eigenlijk certificaten die zowel SSL als TLS ondersteunen, hoewel alleen TLS nog actief wordt gebruikt.
